Microcredieten in Somalië en Tsjaad

Somalië behoort tot de tien armste landen ter wereld. Ongeveer 43 procent van de ruim twaalf miljoen Somaliërs probeert te overleven met minder dan een dollar per dag. Naar schattingen is meer dan de helft van de beroepsbevolking werkloos. De voornaamste inkomstenbronnen in het land zijn landbouw en veeteelt. Het bruto binnenlands product is met 284 dollar de op vier na laagste ter wereld. Ongeveer 4,7 miljoen Somaliërs zijn afhankelijk van humanitaire hulp in hun levensonderhoud. Het land wordt geteisterd door natuurrampen, veelal in de vorm van droogtes en overstromingen. Door de droogte in 2011 zijn 258.000 Somaliërs om het leven gekomen. Vanwege de burgeroorlog en de natuurrampen leven er 1,1 binnenlands ontheemden en 1 miljoen vluchtelingen in buurlanden onder zeer zware omstandigheden.

In een dergelijk milieu is het van levensbelang om projecten te realiseren waarbij mensen binnen korte tijd inkomsten kunnen genereren. Met die insteek hebben we een microcrediet van € 1000,- verstrekt aan tien behoeftige Somalische gezinnen. Het geld is geïnvesteerd in goederen die nodig zijn in Somalië en die verhandeld zullen worden door de gezinnen. De gezinnen en de goederen die zij verhandelen staan geregistreerd bij onze partnerorganisatie TAKMIN. Zij zullen de inkomsten en uitgaven van de gezinnen regelmatig controleren en erop toezien dat er nieuwe voorraden worden ingeslagen. Zodoende zal onze partnerorganisatie beschikken over de relevante cijfers met betrekking tot de handel die zij drijven.

Tsjaad behoort volgens een rapport van de Verenigde Naties en andere internationale organisaties tot de vijf armste landen ter wereld. Tsjaad is in beginsel geschikt voor landbouw, maar heeft niet genoeg grond dat toegankelijk is voor het verbouwen van gewassen. Ook de industrie en handel genereren niet genoeg inkomsten om de economie te stimuleren. De industrie is met name geconcentreerd rondom de hoofdstad en het zuiden van het land, waardoor er ongelijkheid is tussen de gebieden van het land. Desondanks staat de industrie gelijk aan maar vier procent van het nationaal inkomen. Daardoor heerst er armoede en werkloosheid in het land.

Zoals gebruikelijk in Afrika, kopen de meeste mensen In Tsjaad hun benodigdheden op markten. De producten die verhandeld worden op markten zijn veelal landbouwproducten, dierlijke producten en producten die mensen zelf vervaardigen. Daardoor kan eenieder die producten heeft die hij wilt aanbieden een kraam opzetten.

Wij hebben in samenwerking met onze partnerorganisatie OHAD onderzocht welke prodcuten het meest nodig en verhandelbaar zijn op de markten van de hoofdstad Ndjamena. Daarnaast hebben we geprobeerd om marktkoopliederen vast te stellen die ervaren zijn in de handel, maar niet beschikken over genoeg kapitaal. Na ons onderzoek hebben we veertig koopliederen voorzien van € 250,- aan goederen die zij wilden verhandelen. Deze koopliederen zullen de producten verhandelen op de markt en zullen daarbij gecontroleerd worden door onze partnerorganisatie. Hun gegevens zijn geregistreerd door onze partnerorganisatie die erop zal toezien dat alles vloeiend verloopt. Indien dit initiatief positieve resultaten teweeg zal brengen zullen wij het project breder vervolgen.

Wij willen behoeftigen voorzien van mogelijkheden en arbeidskansen zodat zij zichzelf kunnen onderhouden. Wij willen niet dat zij afhankelijk blijven van de levensmiddelen waarmee wij hen voortdurend voorzien. Dit initiatief willen wij in andere landen in bredere zin uitvoeren.